uit: Zwerfziel
tranen troef
2024
Ik besluit mijn flat in het vaderland op te zeggen. Gelukkig wil Charles zorgdragen voor de afhandeling. Hij geeft Eugene, waardespullen mee om in familiebeheer te houden. Aan de telefoon vertel ik Sam dat ik geen idee heb of ik nog ooit naar Nederland kom.

Een half jaar later krijgen we bezoek van twee voor mij onbekende dames uit Nederland. Het blijkt dat ze vanuit de svb komen controleren of mijn woongegevens zoals ik die voor mij aow heb opgegeven wel kloppen.
Gezellig, bezoek uit het vaderland en weer eens mijn taal spreken.
Uitgebreid laat ik mijn leefruimte zien: een tuin, mijn bungalow en een terras aan het water. Dan schudt twee kokosnoten uit een boom en terwijl ze hun dorst lessen vraag ik of volgend jaar opnieuw een bezoek erin zit. Ze zijn verrast met de vraag. Het antwoord is mogelijk. Het grapje komt niet over.
Dagelijks lopen twee jongens naar een terras naast de keuken voor een praatje met Dan. Een van de twee, Menni pingelt op een gitaar. Niet om aan te horen. Ik vraag of ze zin hebben snooker te komen spelen.
In mijn studio doet zich plotseling een nogal verrassend verschijnsel voor. Zomaar draaien Menni en ik soms naar elkaar toe voor een knuffel. Zomaar. Het gaat vanzelf. Het lijkt of het onzichtbaar geregisseerd wordt.
Van een emotie of begin van vrijen is geen sprake. Uit het niets, vanuit een onbegrijpelijke vanzelfsprekendheid. Terwijl een knuffel voor mij altijd verre van vanzelfsprekend is.
Een paar dagen later komt Menni vroeg in de ochtend langs. Opnieuw spelen we snooker. Opnieuw regelmatig een knuffel. Hij zegt afscheid te nemen omdat hij gaat werken in de grote stad op 70 km afstand. Zo wandelt hij verrassend in en uit mijn leven.
In januari plan ik voor de zomer een reis naar Nederland. Restricties zijn opgeheven. Het voelt als een vakantie. Het is vreemd om geen huis meer te hebben in het vaderland. Of het een afscheidsreis wordt blijft onzeker. Er gebeurt veel in de wereld en vooral in Europa.
Het belangrijkst is dat ik Sam zie. En naar Dirk wil ik om een gesprek af te dwingen waarin we beide ons kraanverhaal van vroeger kunnen vertellen. Zonder rancune. Natuurlijk ben ik benieuwd naar Amsterdam, naar mijn overgebleven vrienden. Via de mail kondig ik aan sommigen mijn komst aan.
Bij Charles kan ik logeren. Ik hoop oud cursist Marianne in Noordholland weer te zien, vriend Bert in Zeeland op te zoeken. Aan Luc stel ik voor mijn 80e verjaardag te vieren. Han, de vriend van Lidy vertelt in een mail over dat zij overleden is.
Voor het zover is krijgen we bezoek van oud cursist Philip. Hij volgde bij mij de cursus van drie maanden voor tv regisseur. Enthousiast kijk ik uit naar zijn komst in februari. Zijn vrouw Jeanette heb ik nog nooit ontmoet. Ze komen een paar dagen logeren.
Philip heeft veel aan mij te danken zegt hij, beschouwt mij als een goeroe. Jeanette blijkt een schat.
Het verbaast me niet dat het tweetal het geweldig met Dan kan vinden. die zoals gebruikelijk zijn best doet met koken. Tijdens drie onvergetelijke dagen hebben we veel plezier en eten voortreffelijk Thais. Onverwacht komt bij mij een grote hoeveelheid verdriet los.
Als een explosie schieten tranen naar buiten wanneer we over het verleden praten. Ik krijg een huilbui waar maar geen eind aan wil komen. Regelmatig val ik in de armen van Philip. Tijdens de cursus vele jaren geleden spraken we over zijn traumatisch opgroeien. Dat was in de tijd dat ik therapeutische gesprekken voerde met psycholoog Paul.
Philip is blij verrast dat ik mijn verdriet zo bij hem en Jeanette uitstort. Hij begrijpt iets van mijn verleden en vindt mijn situatie extremer dan die van hem. In een gesprek na weer een heerlijk diner van Dan praat hij op me in en zegt dat ik vroeger niet gezien ben. Dat Sam dankbaar zou moeten zijn gezien wat ik voor hem gedaan heb. Het kind leeft nog in je Joop. Spreek Sam erop aan.
Later, ’s morgens alleen op mijn terras aan het meertje denk ik na over wat er emotioneel gebeurde tijdens het bezoek van Philip en Jeanette. De terugkeer in juni naar het vaderland waarbij ik familie opzoek kan ik benutten voor verwerking van mijn jeugd. Praten over het verleden zonder over schuld te praten. Flinke weerstand voel ik naar boven komen. Denken daarover is makkelijker dan doen.
Ik besluit een thema voor die reis te nemen, als houvast. Waarschijnlijk de beste manier om ontspannen met iedereen in gesprek te gaan.
Kies dankbaarheid. Wat heb ik gekregen, ontvangen en aansluitend gemist. Langzaam begin ik zin te krijgen in de zes weken geplande reis.
Philip komt mij van het station halen. Bij hem logeer ik de eerste dagen. De trein ik naar Wolfheze neem ik direct de volgende dag met het moeilijkst beginnen, het praten met Sam.
Als warming up geeft Philip nog mee dat ik Sam vooral moet zeggen dat hij mij letterlijk niet gezien heeft. En dat er geen excuus is om niet dankbaar te zijn wat ik voor hem gedaan heb. Kom voor jezelf op! Ik knik.
Wanneer Sam langs zijn vleugel naar de keukenhoek loopt om koffie te zetten begin ik heen en weer te wandelen en losjes een gesprek beginnend. Dat ik deze reis wil benutten om over dankbaarheid te praten. Ik hoop dat hij zich niet afsluit. Nu moet het gebeuren, nu… voor mijn 80e verjaardag. Ik slik onnodig veel. Hij babbelt als gelovig mens hoe belangrijk dankbaarheid in het leven is.
De sfeer blijft open en vertrouwd. Sam praat over het verleden zoals hij dat altijd doet. We hebben allemaal in het gezin veel last gehad van veel problemen. Vergeet niet dat we heel arm waren in de oorlog.
Aan een stuk door denk ik hou het gesprek open. Absoluut geen beschuldigende of foute toon ook! Praten vanuit mijn hart.
Wanneer we achter de koffie zitten zegt hij dat gevoel en emoties thuis in onze cultuur onderdrukt werden. Dat we nooit geleerd hebben ons te uiten. Alsof ze niet bestonden. Dat zelfs emoties in films op de televisie werden weggelachen en ontkend door moeder: het is maar spel hoor zei ze dan.
Voorzichtig begin ik met vertellen over ons samen zijn, vroeger. Dat het eigenlijk heel vreemd voor mij is dat hij nooit een woord van dankbaarheid in mijn richting heeft geuit. Dat ik me afvraag hoe zoiets toch mogelijk is. Nooit een dankwoord van mijn slechtziende broer. Het praten kost me de grootst mogelijke moeite en ik worstel heftig met iets dat in mijn keel naar boven komt, ben bang dat niet tegen te kunnen houden.
Hij schrikt licht en zegt direct dat hij dat toen niet kon. Dat al zijn gevoelens in die tijd geblokkeerd waren. Ik wilde wel Joop maar ik kon het niet. Ik kon het echt niet. Hij zegt dat dit precies de reden was om met Bep te trouwen in de hoop dat hij zijn gevoel leerde uiten door haar openheid. Maar dat gebeurde niet. Integendeel.
Ik houd het niet langer en begin te schokken, licht te snikken. Volkomen verrassend steekt hij vanaf de bank ineens zijn armen uit in mijn richting en ik ga direct naast hem zitten. Onze omhelzing zonder woorden duurt geruime tijd. Ik huil. Hij stottert.
Tijdens het lunchen op een terras met mijn vrienden Charles en Marianne vertel ik wat er gebeurde. Dan komt ook hier plotseling een schier eindeloos durend verdriet eruit, als een aanvulling. Net als bij Philip waarderen ze het dat ik mijn verdriet aan hen laat zien. Voor mij toont het onvoorwaardelijke vriendschap.
Hoe anders is dat bij neef Luc in oost Groningen. Hij serveert eigen gemaakte pasta op mijn 80e verjaardag. Ook bij hem en zijn vriendin stromen mijn tranen vrij en veel. Maar beide weten hiermee geen raad. Ze verstarren. Ik sta ineens in een afstandelijke kou.
In de trein terug schrijf ik een brief aan Luc waar nooit antwoord op komt. Geen mail van hem meer. Ons familiecontact stelt hij en zijn vriendin niet meer op prijs. Ik stel me voor in hun schoenen te staan. Een jankende oude man die praat over gevoelens van vroeger? We doen de deur dicht. Ze vertelden over hun toekomstige plaats in het bos die ze gevonden hebben en waar ze later begraven zullen worden.
Wim en Trees wonen in Leiderdorp. Ik wandel vanaf station Leiden. Eet in het plantsoen een salade, gekocht bij de natuurwinkel in de Breestraat. Bijna 30 jaar hebben Wim en ik elkaar niet gezien.
Hij vertelt vrij snel op aandrang van zijn vrouw Trees een tumor te hebben in zijn blaas, hij zal niet lang meer leven. Ik denk: om de toon te zetten en geen lastig gesprek te hoeven voeren?
Ik kaart op een niet bedreigende toon zijn pesten van vroeger aan. Nogal verrassend herinnert hij het zich direct en wimpelt het lacherig weg. Zegt dat Josef, wanneer gaan we trouwen een zin was uit een liedje dat hij zong in die tijd. Daar blijft het bij. Ik besluit niets meer te zeggen over de tergende toon waarop hij die tekst uitsprak. Zijn zoon Wilco is op bezoek en zegt Oh, nu begrijp ik dat pesten ineens.
We halen herinneringen op en wisselen ervaringen uit, vooral over moeder. Ondanks alle vernederingen die hij altijd onderging van zijn broer Dirk blijft hij positief over hem praten. Net als jij en Sam is hij wel mijn broer, dat moet je goed beseffen. Nadrukkelijk vertelt hij dat Dirk vroeger alles in opdracht van moeder deed. Ik sluit aan, vertel ook Dirk te willen opzoeken. Trees schudt direct het hoofd. Niet doen. Om je te beschermen tegen een grote teleurstelling. Ze geeft aan dat het met Dirk fysiek niet al te best gaat. Na haar nadrukkelijk advies begin ik te twijfelen. Is het echt nodig hem nog op te zoeken in Rijnsburg? Verwerking van dat trauma is toch eigenlijk al gebeurd?
Op de fiets langs de Amstel rijd ik naar Eugene, de zoon van Sam. Hij woont met vrouw en kinderen in een prachtige pastorie. Ik haal de bewaarde spullen bij hem op. Natuurlijk komt ook bij hem het verleden ter sprake. We hebben iets gemeen. Een blinde vader is niet direct iets om blij van te worden.
Bij dit bezoek ben blij dat tranen binnen blijven.
Van Han, de vriend van Lidy krijg ik te horen hoe zij plotseling gestorven is. Hij zit nog volop in de verwerking van het verlies.
Zowel bij Theo als bij Coney fiets ik langs maar bij beide is niemand thuis.
Doodmoe door alle emoties en het kille zomerweer besluit ik eerder terug te gaan naar huis. Ik realiseer me in het vliegtuig een afspraak met vriendin Marianne volkomen vergeten te zijn.
Slalom
Bij veel mensen bestaat de neiging om vanuit een overzicht de mooie en vervelende kanten van het leven te zien of opnieuw te beleven en zo uit te komen op een balans waarna een proces van sterven stap voor stap ingang kan worden gezet. Dat hoor je wel. Ik heb die neiging niet.
verhaal (later)


Ontdek meer van joopbrussee.com
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.