Kansen

uit: Zwerfziel
op naar een top
1974

Van echte samenwerking met collega’s op de redactie is nauwelijks sprake. Ati giebelt bijna overal om en geniet van het succes en de toenemende bekendheid. Hans ontpopt zich als een verkrampt grinnikende cynicus met wie iemand nooit een echt gesprek kan voeren. Als eindredacteur neemt hij zonder overleg solistische beslissingen en blijkt niet voor verandering vatbaar.
Marga belt veel op luide toon met haar familie. Een altijd glimlachende Violet hangt zoet aan de lippen van Hans.
De laatste twee vormen in het werk een tandem. Ze gaan na verloop van tijd samenwonen. Niemand is verrast.

Na vier jaar heb ik genoeg van de collega’s, genoeg van het programma. Ik heb veel geleerd zoals de professionele beginselen van het filmen en journalistiek werken. Tijd om mijn weg te zoeken in de slangenkuilen van de omroep. Het liefst zou ik zelf televisieprogramma’s maken. De Vara biedt mij een regie opleiding aan op Santbergen onder de voorwaarde geen vast dienstverband als regisseur te claimen.
Helaas, de stof van de NOS cursus is nogal mager en de leiding van Ab Reevoort, een oud opnameleider soft en weinig professioneel. Het sluit niet echt aan op de praktijk. Ik moet meer weten en plan een reis naar lokale tv stations Los Angeles.
Zodra het programma na 5 jaar stopt vlieg ik naar de westkust van de USA waar Stephen inmiddels les geeft aan de UCLA. Zijn vriend John komt uit Las Vegas. Hij regelt meteen een serie college’s televisie- en filmregie. Verrassend is dat een docent mij met acteurs laat werken aan scene’s die later worden opgenomen. Ik krijg meteen zin om dat in ons land voort te zetten.

Terug volgt een spannend moment. Als presentator ben ik landelijk bekend maar niemand weet dat ik nu ook regisseur ben. Daarbij komt dat meestal een technisch regisseur voor een programma nodig is. Redacteuren bepalen in principe de inhoud. Bij de radio ben ik gewend een volledig programma te maken. Voor het regisseren van tvdrama mis ik ervaring.
Teleac is de eerste die belt en vraagt of ik een serie Open School wil regisseren, om en om met regisseur Leen Timp, de man van Mies Bouman. Het opnemen van groepsgesprekken in de studio en het filmen op locatie met Maartje van Weegen beschouw ik als een goede training om met een crew in de studio te werken.
Voor het eerste programma met drie camera’s plan ik een ronde tafel discussie. In vakkringen geldt dat als een van de moeilijkste opstellingen voor een discussie omdat kijkrichtingen van de aanwezigen lastig te controleren zijn.
Met hulp van vooral de opnameleider komt uiteindelijk slechts 1 keer een camera kort in beeld. Dodelijk vermoeiend krijg ik wel de smaak van regisseren te pakken.

Ik ontdek dat bij Schooltelevisie met mijn achtergrond in het onderwijs een aantrekkelijke mogelijkheid ligt om zowel vorm als inhoud te bepalen.
Brutaal bel ik een chef van de afdeling bij de NOS. Het gesprek met hem is eenzijdig. Als oud leraar vertelt en vertelt hij aan een stuk door als was het een college. Nu en dan reageer ik, stel een korte vraag die aangeeft dat ik nog steeds naar hem luister. Na deze eindeloze geschiedenisles stelt hij mij een vraag: wanneer wil je beginnen?
De Nederlandse Onderwijstelevisie (NOT) levert een redacteur voor de inhoud. Voor mij is dat niet nodig hoewel een klankbord best te gebruiken is. Schrijvers op school wordt de eerste serie. Met een klein onderdeel drama.
Over Diewertje Blok, de presentator verbaas ik mij. Zij kan direct een opgegeven tekst onthouden en uitspreken alsof ze het ter plaatse bedenkt. Acteurs kunnen dat nooit zo snel. Natuurtalent dus. Heerlijk werken met haar.
Bij de viewing is het commentaar van de chef: artistieke programma’s zonder artistiek te zijn. Een wonderlijke opmerking.

Deze serie is het startschot voor een periode waarin ik de ene na de andere opdracht krijg. Nee zeggen kan ik niet met mijn werkhonger. Vooral educatieve en culturele programma’s volgen waarbij ik aardig profiteer van mijn bekende gezicht van het scherm. Als freelancer zit mijn agenda propvol. Tijd voor het zoeken naar verhouding heb ik niet.
Wanneer de Radio Volksuniversiteit (RVU) televisie programma’s gaat maken lever ik voorstellen in die vervolgens allemaal worden gerealiseerd. Opnieuw zonder last te hebben van redacteuren of pedagogische adviezen.

Geld stroomt binnen. Van verschillende kanten wordt mij aangeraden een huis te kopen. Het geld te investeren. In Amsterdam bezichtig ik een prachtig pandje aan een gracht. Op zolder stinkt het penetrant naar kattenpis. Ik denk daar valt iets aan te doen.
Het monument is in een jaar tijd een ton gezakt. Voor mij is de vraagprijs nog steeds hoog maar met hulp van banken lukt het. Ook nu speelt mijn bekendheid een rol. Als freelancer zonder vast inkomen krijg ik zowel een hypotheek als een aanvullende lening!

Tijd om de woning in te richten heb ik niet. Ook weinig tijd om vriendschappen te onderhouden. In deze zeer productieve tijd ontmoet ik een jongen die mijn hart steelt: Bart van P. Ik zie hem zitten in een cafe tijdens een bezoek met Saskia en haar vriend Rob S. Meteen ben ik stapelgek op hem. ben ik op hem. Hij stottert licht en heeft connecties met jongens uit de drugswereld begrijp ik later wanneer ik hem leer kennen.
De vriend van Saskia is directeur van de badminton bond. Hij vraagt of ik documentaires wil maken voor de bond. Ik schakel oud collega en cameraman Jan K. in. Een editor van het NOB wil wel een centje bijverdienen.

In de winter plan ik soms een week naar een Canarisch eiland om uit te rusten. Nu vraag ik doodvermoeid of Bart mee wil. Op de tram richting station, door naar Schiphol realiseer ik mij dat de koffiemachine niet uitgezet is. Maar energie ontbreekt om me ergens druk over maken. Alleen Bart telt.
In de week die volgt openbaar ik mijn liefde voor hem. Hij is voortdurend stoned. Zonder dat ik het weet heeft hij wiet meegesmokkeld. Ik slaak een diepe zucht. We hebben geluk gehad bij de douane.
Bij thuiskomst brandt in de keuken het lampje van de machine. Een sterke koffielucht vult de ruimte.

Door het zitten, kijken en kiezen in de edit ruimte ben ik echt gaan roken. Handig is dat mijn buurman een sigarenwinkel heeft. Op de begane grond van mijn huis hangt assistente Nel B. kleding op voor de televisieserie Puik TV. Wanneer ik sigaretten koop vraagt de man heel slim is uw zuster een kledingzaak begonnen? Zo krijgt hij gegarandeerd in mijn antwoord veel informatie over zijn nieuwe buurman. Over werk, relaties, familie en toekomst. En daarbij iets over mijn karakter.

oplus_32

Duikeling

Op een dag gaat het echt gebeuren: een dramaserie regisseren in opdracht van de Ikon. Hiervoor moet alles wijken. Zelfs voor Bart heb ik nauwelijks nog tijd.

BUNDELS


Ontdek meer van joopbrussee.com

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.