Bekendheid

Achtste Hoofdstuk

vanaf 1974 – 30 jaar

Van echte samenwerking met collega’s op de redactie is nauwelijks sprake. Ati giebelt bijna overal om en geniet van het succes en de toenemende bekendheid. Hans ontpopt zich als een verkrampt grinnikende cynicus met wie iemand nooit een echt gesprek kan voeren. Als eindredacteur later neemt hij zonder overleg solistische beslissingen en is niet voor verandering vatbaar.
Marga belt veel op luide toon met haar familie. Het is een weinig creatieve omgeving. Een altijd glimlachende Violet hangt zoet aan de lippen van Hans.
Zij twee vormen in het werk een tandem en gaan na verloop van tijd samenwonen. Niemand is verrast.

Na vier jaar heb ik genoeg van de collega’s, genoeg ook van het programma. Ik heb veel geleerd zoals de beginselen van het filmen en zorgvuldig journalistiek werken. Het wordt tijd een weg te zoeken in de slangenkuilen van de omroep. Het liefst maak ik zelf televisieprogramma’s. De Vara biedt mij een regie opleiding aan op Santbergen onder de voorwaarde geen vast dienstverband als regisseur te claimen.
Helaas, de stof van die NOS cursus is mager en de leiding van Ab Reevoort, een oud opnameleider te soft en weinig professioneel. Ik wil meer leren en plan een reis naar lokale tv stations Los Angeles waar Stephen inmiddels woont en werkt. Hij geeft colleges aan de UCLA en heeft een vriend uit Las Vegas.
Zodra het programma na 5 jaar stopt vlieg ik naar California. Meteen regelt Stephen een serie college’s televisie- en filmregie voor mij. Verrassend laat een docent mij met acteurs werken aan scene’s die later met drie camera’s worden opgenomen. Ik krijg direct zin dat in Nederland te doen.
Op een vreemde manier word ik geconfronteerd met mij vaderland. Bij een lokaal tv station maak ik kennis met een redacteur. Zij vraagt waar ik vandaan kom. Oh, do they have televison there?

Terug thuis volgt een spannende tijd. Als presentator ben ik landelijk bekend maar niemand weet van iets mijn nieuwe ambitie. Ik heb moeite mezelf zonder ervaring een regisseur te noemen.
Het lastige is dat bij de televisie een regisseur meestal alleen de technische kant voor zijn rekening neemt. Redacteuren bepalen in principe de inhoud. Bij de radio ben ik gewend een volledig programma te maken. En voor het regisseren van drama mis ik ervaring.
Teleac is de eerste die belt en vraagt of ik een serie Open School wil regisseren, om en om met Leen Timp, de man van Mies Bouman. Het betekent opnemen van groepsgesprekken in de studio en het filmen op locatie met Maartje van Weegen. Ik beschouw dit als een leerzame ervaring, gedegen training.
Voor het eerste programma met drie camera’s plan ik een ronde tafel discussie. In vakkringen geldt dat als een van de moeilijkste opstellingen voor een discussie omdat kijkrichtingen van de aanwezigen lastig te controleren zijn.
Met hulp van de crew, met name de opnameleider komt uiteindelijk slechts 1 keer een camera kort in beeld. Dodelijk vermoeiend krijg ik de smaak van dit werk wel te pakken.

Ik ontdek dat educatieve programma’s bij Schooltelevisie een aantrekkelijke mogelijkheid ligt om zowel vorm als inhoud te bepalen. Brutaal bel ik een chef van de afdeling bij de NOS. Het gesprek met hem is eenzijdig. Als oud leraar vertelt hij en vertelt. Aan een stuk door als was het een college. Nu en dan reageer ik kort of stel snel een vraag die aangeeft dat ik nog steeds naar hem luister. Na deze oninteressante eindeloze geschiedenisles stelt hij mij een vraag: wanneer wil je beginnen?
De Nederlandse Onderwijstelevisie (NOT) levert een redacteur voor de inhoud. Voor mij is dat niet nodig als leraar hoewel een klankbord altijd nuttig is. Schrijvers op school wordt de eerste serie. Ik plan drama als een klein onderdeel.
Over Diewertje Blok, de presentator verbaas ik mij. Zij kan snel een tekst onthouden en uitspreken alsof ze het ter plaatse bedenkt. Bij acteurs heb ik andere ervaringen. Zij is een natuurtalent en heerlijk met haar aan het boekenprogramma te werken. Bij de viewing is het commentaar van de chef: artistieke programma’s zonder artistiek te zijn. Wonderlijk.

De serie is het startschot voor een periode waarin ik de ene na de andere opdracht krijg. Nee zeggen kan ik niet gezien mijn werkhonger. Vooral educatieve en culturele programma’s volgen waarbij ik aardig profiteer van mijn nog steeds bekende gezicht van het scherm. Als freelancer zit mijn agenda propvol.
De bekendheid van het scherm heeft mij mede geholpen aan het gevraagd worden. Het bekend zijn trilt veel langer na dan ik me had voorgesteld. Mensen blijven mij herkennen en zich opdringen. Tijd voor het zoeken naar een vriendschap, een verhouding komt goed uit. Voel me tussen wal en schip. Bij de andere bekende nederlanders heb ik me nooit prettig gevoeld en ik verlang naar vroeger tijden.

Wanneer de Radio Volksuniversiteit (RVU) televisie programma’s gaat maken lever ik voorstellen in die vervolgens allemaal gerealiseerd kunnen worden. Opnieuw zonder last te hebben van redacteuren of pedagogische druk.
Geld stroomt binnen. Van verschillende kanten wordt mij aangeraden een huis te kopen. Investeren in steen. In Amsterdam bezichtig ik een prachtig pandje aan een gracht. Op zolder stinkt het penetrant naar kattenpis. Ik denk: daar valt iets aan te doen.
Het monument is in een jaar tijd een ton gezakt. Voor mij is de vraagprijs nog steeds hoog maar de bank helpt graag een bekend gezicht. Als freelancer zonder vast inkomen krijg ik eenvoudig zowel een hypotheek als een aanvullende lening.

Tijd om de woning in te richten heb ik niet. Ook weinig tijd om vriendschappen te onderhouden. In een cafe tijdens een bezoek met Saskia en haar vriend Rob zie ik jongen die mijn hart steelt. Hij stottert licht en heeft connecties met jongens uit de drugswereld begrijp ik later wanneer ik hem leer kennen.
De vriend van Saskia is directeur van de badminton bond. Hij vraagt of ik documentaires wil maken voor de bond. Ik schakel een oud collega en cameraman van de Vara in. Een editor van het NOB wil wel een centje bijverdienen.
Van Bart begin ik steeds meer te houden we zien elkaar nu en dan. DSoms komt hij op de motor en ziet er macho stoer uit. Zodra lagen afgepeld zijn toont hij zijn kwetsbaarheid. Wat een in en in lieve jongen.

In de winter plan ik soms een week naar een Canarisch eiland om bij te komen en ik vraag of Bart mee wil. Op de tramhalte op weg naar Schiphol realiseer ik mij doodvermoeid dat de koffiemachine nog aan staat. Energie ontbreekt om me ergens druk over maken. Alleen Bart telt.
In de week die volgt openbaar ik mijn liefde voor hem. Hij is voortdurend stoned. Zonder dat ik het weet heeft hij wiet meegesmokkeld. Ik slaak een diepe zucht. We hebben heel veel geluk gehad bij de douane.
Bij thuiskomst brandt in de keuken het lampje van de machine. Een sterke koffielucht vult de ruimte.

Door het zitten, kijken en kiezen in de edit ruimte ben ik meer gaan roken. Mijn buurman heeft een sigarenwinkel en wanneer ik als klant binnen wandel vraagt hij: is je zuster een kledingzaak begonnen? Op de begane grond heeft assistente Nel Bijman kleding opgehangen voor de serie Puik TV. Ik moet lachen. Een slimme vraag. Gegarandeerd krijgt hij in mijn antwoord informatie over zijn nieuwe buurman. Over werk, relaties, familie, toekomst. En daarnaast ook iets over mijn karakter.

uit:
autobiografie

Negende Hoofdstuk
Duikeling

OVERZICHT leesvoer


Ontdek meer van joopbrussee.com

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.