Twee levens

uit: Zwerfziel
uitbraak
1986

Het lesgeven bij opleidingen is succesvol en zorgt dat ik mij steeds beter ga voelen. Ik krijg zin in reizen. Verdien voldoende om in een wintervakantie naar Australia gaan om familie en mijn oude vriend Stephen op te zoeken die met John terug is gegaan naar zijn roots..

John, de levenspartner van Stephen ken ik nog uit de tijd dat ik in Los Angeles bij hun vriend Michael logeerde. Intussen is Stephen priester geworden voor de anglicaanse kerk. Niet ver van zijn huis in South Yarra vindt jaarlijks het grand slam tennistoernooi plaats. Een schitterende ervaring.
Op zowel op de heen- als terugreis maak ik een tussenstop, een in Bangkok en een in Denpasar. Ik ben gek op zowel Thailand als Bali. De reis bevalt me en ik neem mij voor dat mogelijk jaarlijks te doen in de winter.

Binnen het opleidingscentrum Santbergen leven spanningen die duidelijk te maken hebben met het verleden. Twee groepen ontwijken elkaar voortdurend en worden door Ab R. met kunst en vliegwerk bij elkaar gehouden. Als oud opnameleider behoorde hij tot de technische kant. Nu werkt hij bij programmatische opleidingen.
Eigenlijk is het een strijd tussen vorm en inhoud. Tussen verschillende soorten mensen lijkt het wel. Ik denk aan Hans W., een collega bij de radio die beide kanten verenigde. Met hem maakte ik bijzondere programma’s. Hij hield van techniek, was gek op de nieuwste apparatuur terwijl het voor mij nooit meer dan een hulpmiddel bleef.
Het is een eer wanner Ab mij vraagt de grote studioregie cursus van 3 maanden te geven die bekend staat als DE cursus binnen de omroep. Hieraan wil ik graag al mijn energie besteden. Het liefst deze opleiding naar een hoger professioneel niveau brengen. Liefst internationaal als dat lukt.

Door mijn bezoek aan Sam ben ik met analyseren uitgekomen bij moeder. Denk veel over haar. Alles draaide vroeger om haar en wat is haar opvoeding geweest? Eigenlijk geen, maar terwijl ze zelf klaagde was dat ronduit verwaarlozing. Geruime tijd heb ik de energie niet haar optezoeken in het verzorgingshuis.
Op een dag belt ze mij op. Voorzichtig begin ik over het verleden, laat enige kritische woorden los op haar gedrag in mijn kindertijd. Wanneer ik dat aan neef Luc jr vertel zegt hij: wat goed! Je wordt nog eens de held van de familie, je durft oma aan te pakken, geweldig!

Door de aanmoediging van Luc jr bel ik niet veel later haar op. Aan de telefoon lukt het beter bij mezelf te blijven en over mijn gevoel te praten heb ik gemerkt. Ik wil haar met het verleden confronteren.
Kalm leg ik uit dat ze in haar leven alle aandacht aan Sam heeft geschonken. Ze onderbreekt en begint met uitleg en geklaag, vertelt dat zij overal alleen voorstond en door de omstandigheden…..het bekende riedeltje.
Rustig laat ik haar uitpraten. Ga weer over naar mijzelf. Wat haar geen opvoeding mij gedaan heeft. Begin over moederliefde die ik nooit heb gekregen. Over verwaarlozing. Het in de steek gelaten zijn. Over mijn vermoeden niet gewenst te zijn.
Aan de andere kant is het heel stil. Opkomende tranen kan ik met grote moeite tegenhouden en ik wil het liefst de hoorn neerleggen. Maar iets in mij houdt dat tegen en zegt: nee, niet neerleggen, niet doen!!
Later denk ik: in die stilte had ze wat ik zei tegen kunnen spreken. Of iets aardigs kunnen zeggen, iets liefs. Iets van begrip. Al was het nog maar zo weinig………..

Na de succesvol verlopen cursus van drie maanden krijg ik de mogelijkheid van fulltime naar deeltijd te veranderen. Vanaf dat moment splitst mijn leven zich.
Ik verkoop mijn monument in de binnenstad waar het steeds drukker wordt en toeristen zelfs op zondagochtend bezit nemen van de straat en volop mijn huis fotograferen. Ik trek me terug in de flat aan de rand van Amsterdam die ik als investering erbij had gekocht. Ik kies voor maanden werk en dan weer maanden vrije tijd. Hoe ga ik die tijd invullen? Heerlijk vrij op reis? Blijven zoeken naar een woonplaats voor later?
Vooralsnog blijf ik acteerles geven voor de Trap en neem uitnodigingen aan om als regisseur en adviseur in projecten te werken.

Een aanbod een seizoen het wetenschappelijk tvprogramma Zeker Weten te regisseren neem ik aan. Op de eerste dag legt de producer van de Kro mij uit dat er een probleem is: de grote redactie heeft de leiding van de eindredacteur en gedeeltelijk ook van de regisseur overgenomen. Voor mijn ogen doemt een soort mission impossible op. Waar ben ik aan begonnen?

Consequent hanteer ik strenge regels zoals redacteuren horen in hun eigen redactieruimte te blijven. Geen contact met presentatoren en crewleden in de studio. Veel energie gaat zitten de wind eronder te houden met een groep van twaalf eigenwijze wetenschappers.
Ronald, een cameraman vertelt mij een keer dat hij iemand in de deuropening zag verschijnen die voorzichtig de studio insloop. Voor de grap zei hij: Joop ziet je hoor! De man schrok, verdween en kwam niet meer terug.

Binnen Australia plan ik een korte reizen. Bezoek Sydney en maak kennis met een nicht. Zij behoort tot de familietak die in de vijftiger jaren emigreerde. opnieuw. In Brisbane zoek ik vrienden van Lidy op. In het binnenland beklim ik de Ayers rock en schrik hevig wanneer ik niet ver van de top me omdraai. Voor het eerst in mijn leven krijg ik ernstige hoogtevrees.
In Melbourne leer ik vrienden van Stephen kennen. Aan Graham een succesvol architect vraag ik over een Australische bouwstijl naast al die Victoriaanse huizen en gebouwen. Hij blijft het antwoord schuldig.
Dennis, een psycholoog vertelt mij dat het verstandig is een gay therapeut te nemen mocht ik ooit problemen op het werk krijgen.

Mede door ontspannende massages op Bali en in Thailand kom ik aardig tot rust in mijn leven. De cursussen verlopen zonder problemen. Directiewisselingen op de academie laat ik aan me voorbijgaan. Met hulp van mijn halve dienstverband kan ik eenvoudig weg blijven van al het soap gedoe zoals assistente Ellen B. het noemt.
Met parttime collega Henk R. lachen we om onzinnige maatregelen. Ellen houdt me op de hoogte. De meeste collega’s zijn jaloers op mij, op die lange periodes afwezig en het reizen, vertelt zij.
Op een gegeven moment lopen voor mij buiten beeld interne spanningen zo hoog op dat een splitsing tot stand komt: facilitair wordt een stevige zelfstandige opleiding; programmatisch het pand uitgewerkt.

Wanneer weer eens een nieuwe directeur gezocht wordt komt het verzoek of ik in de sollicitatiecommissie wil gaan als vertegenwoordiger van het programmatisch personeel. Ik herinner me dat eerder gedaan te hebben bij toneelgroep Centrum en dat zoiets slecht uitpakte met Ursul de G..
De nieuwe directeur zal de opdracht krijgen de twee opleidingen weer tot een geheel samen te voegen. En zakelijk gezond maken en houden. De andere twee commissieleden hebben geen inhoudelijke belangstelling. Ik vermoed dat ze een academie voor zich zien die in de toekomst alleen cursussen verkoopt. Ze reageren net even te veel met zoiets te ontkennen als ik het opper.

Zij bekleden bestuurlijke posities binnen de NOS. Een van de twee zegt dat een advertentie niet nodig is. Hij heeft contact met Els B., directeur is van een audio visueel bedrijf in Deventer.
Op zich lijkt me een buitenstaander die fris tegen de omroep aankijkt geen probleem. De vrouw presenteert zich zowel zakelijk als menselijk. Vooral door teksten als mijn deur staat altijd open en koffie en thee staan klaar krijg ik een vreemd gevoel tijdens de twee gesprekken.
Ik begin haar vanaf het begin van de twee gesprekken te wantrouwen maar kan geen harde argumenten vinden om als commissielid nee te zeggen. Wanneer ze mij tijdens een stilte een knipoog geeft weet ik het zeker: dit gaat fout.

Tijdens het kennismaken op de academie vraagt ze aan iedereen de ambities voor de toekomst op een vel papier te schrijven. Geleerd op een cursus denk ik meteen. Keurig schrijf ik de wens op naast regie ook presentatie cursussen te geven. Nooit komt een reactie daarop.
Met Henk praat ik regelmatig over haar functioneren. Hij vraagt zich voorzichtig af gezien de rare taalfouten die ze herhaaldelijk maakt hoe het is gesteld met haar intellectueel vermogen.
We gruwelen beide wanneer zij de bibliotheek afschaft. Alle informatie is online te vinden tegenwoordig. Vooral haar dictatoriale optreden, dus zonder enig overleg baart ons zorgen. Zo worden we als parttimers gedwongen voortdurend achter haar onberekenbare acties aan te lopen.
In een cafe praat ik op een avond met 2 stagiaires. Zij vertellen mij dat ze aan de directeur vroegen of iets bestaat als een didactisch plan van aanpak voor cursussen. Els had naar een kast gewezen en gezegd: wat denken jullie dat daarin staat?

Ze is goed in bluffen denk ik. De twee durfden niet te vragen of zij die deur open wilde doen. Beide verbazen zich hoe iemand met dat niveau op de stoel van een directeur kan zitten. Ik knik maar zeg niets. Ze dringen aan me uit te spreken over deze in hun ogen incapabele directeur.
Voor mij is dat lastig. Het liefst had ik alle ellende uit willen braken maar verstandig is dat niet. Ik heb geen zin in moeilijkheden die dan zullen volgen. Op dit moment moet ik aan mezelf denken. Aan mijn toekomst. Aan mijn pensioen.
Ik beperk me tot praten over mijn halve baan waardoor ik beperkt dingen meemaak. Dat ik moet afgaan op verhalen van collega’s. Dat ik geen hoge pet op heb van managers die denken overal verstand van te hebben.

Een vriendin, producer bij de Vara ziet Els op een dag en zegt treffend: een zakenvrouw. Steeds meer beginnen Henk en ik de toekomst somber in te zien. Wanneer ik een keer in haar kamer ben en bedank voor koffie of thee zegt ze tegen mij te overwegen een prikklok voor het personeel in te voeren. Ik heb de neiging de deur uit te rennen, de straat op en hard weglopen, nooit meer terugkomen.

Zodra Ab en Els mij min of meer dwingen in het vervolg zakelijk over een cursus te laten denken, geld boven het aanleren van vakmanschap te plaatsen knapt er iets bij mij.
Bij de bedrijfsarts barst ik ineens zomaar in snikken uit. Hier is iets dieps aan de hand. zegt hij en vraagt: wil je in analyse of een quick fit? Voor beide weet hij goede specialisten.
Ik heb geen idee. De ervaring met een zenuwarts rond mijn twintigste heeft me wantrouwig gemaakt voor elke geestelijke bijstand. Ik haal mijn schouders op. Quick fit is eruit voor ik kan nadenken.

Bij Paul P., een rustig overkomende man begin ik van alles eruit te gooien, alsof het geestelijk braken is. Geestelijk uitkleden had de bedrijfsarts geadviseerd. Emoties volgen elkaar als een lopende band op.
Wat er in mijn jeugd is gebeurd begint me beetje bij beetje duidelijk te worden. Ab en Els waren samen een trigger. Het oude patroon uit mijn kindertijd van moeder en Dirk. Opnieuw een man en een vrouw.
Tijdens het geven van een cursus voer ik meerdere gesprekken. Het voelt als een stop die telkens in een uur ergens uitgetrokken wordt.

Turbulentie

Tijdens de laatste dagen van een cursus hoor ik van mijn broer dat moeder is gestorven. Ik besluit de cursus af te maken.
Op zaterdag, twee dagen later sta ik alleen naast de kist in een kamer van het verzorgingshuis. Een pissebed loopt over een tegel op de vloer.

BUNDELS


Ontdek meer van joopbrussee.com

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.