uit: autobiografie Zwerfziel
7e verhaal
op naar een top
1974
Louis Velleman, correspondent en journalist Ben Elkerbout doen de selectie voor presentatie/redacteur van het nieuwe satirische consumentenprogramma voor de Vara: Hoe Bestaat Het.
Ik lees voor het eerst van mijn leven een tekst van een autocue voor de camera en merk dat zoiets mij wel ligt.

Na afloop heb ik geen twijfel of ik een van de drie gelukkigen zal zijn. Het telegram een paar dagen later is dan ook nauwelijks verrassend. Ati Dijckmeester, Hans Emmering en ik vormen het presentatie team. Op de redactie krijgen we assistentie van Violet Valkenburg en Marga van Praag.
Bij het eerste interview doe ik het bijna in mijn broek door al die crewleden om mij heen. Bij televisie wordt je gedwongen met veel mensen te werken. Iedereen wil zijn ei kwijt. Bij de radio ging ik alleen op pad met een bandrecorder en microfoon, monteerde alleen met een geluidsman.
En met een idee moet je voorzichtig omgaan want voor je het weet gaat iemand ermee aan de haal. Anders dan in het theater.
Op 16 mm filmen is nieuw voor mij. De 8 mm filmcamera die ik van zakgeld kocht ging de kast in toen ik bij de radio begon te werken.
Naast suggesties van kijkers bedenk ik zelf korte filmpjes. Zoals wanneer de transfer markt voor voetballes weer open is. Samen met Hans laten we als voetballers zien welke vuile trucjes een prof beheerst.
We nemen de film op in het Olympisch Stadion, op de grasmat waar mijn idool Johan Cruyff ook regelmatig voetbalt.
Scheidsrechter Frans Derks doet graag mee. Met stevig ingevette dijen fluit hij voor elke in scene gezette grove overtreding zoals het trekken aan het haar van de tegenstander en hem vasthouden aan zijn broek bij een kopbal.
Na het werk breng ik veel tijd door bij Adri en Charles. Zij werken op de Waterlooplein markt, hebben geen behoefte deel te nemen aan het maatschappelijk leven. Regelmatig gaan ze, na genoeg verdiend te hebben op de markt voor een flinke periode in de winter naar de duinen op een zonnig eiland: Grand Canaria.
Ze genieten altijd van mijn verhalen over wat ik meemaak in de omroep. Voor mij relativeert dat vertellen de Hilversumse matras, het wereldje waar ik tegenaan blijf kijken want onderdompelen erin trekt mij totaal niet.
Van echte samenwerking met collega’s op de redactie is nauwelijks sprake. Ati giebelt bijna overal om en geniet van het succes en de toenemende bekendheid. Hans ontpopt zich als een verkrampt grinnikende cynicus met wie iemand nooit een echt gesprek kan voeren. Als eindredacteur neemt hij zonder overleg solistische beslissingen. Is niet voor verandering vatbaar.
Marga belt veel op luide toon met haar familie. Een altijd glimlachende Violet hangt zoet aan de lippen van Hans.
De laatste twee vormen in het werk een tandem. Ze gaan na verloop van tijd samenwonen. Niemand is verrast.
Na vier jaar heb ik genoeg van het programma. Ik heb de beginselen van het filmen geleerd en wil mijn weg verder zoeken in de slangenkuilen van de omroep. Het liefst zelf televisie maken. De Vara biedt mij een regie opleiding aan op Santbergen.
Helaas is de stof van de NOS cursus nogal mager en de leiding van Ab Reevoort, een oud opnameleider soft en weinig professioneel.
Ik wil meer leren en plan een reis naar Los Angeles.
Zodra Hoe Bestaat Het stopt vlieg ik naar de westkust van de USA waar Stephen les geeft aan de UCLA. Hij regelt eenvoudig een serie college’s regie voor zowel film als televisie.
Verrassend kan ik daar ook met acteurs werken aan op te nemen toneelscene’s. Het zou mooi zijn zoiets in ons land voort te zetten.
Terug volgt een spannende periode. Iedereen kent mij als presentator en weet niets van mij als tv regisseur. Daarbij komt dat meestal een technisch regisseur voor een programma gevraagd wordt, ook wel denigrerend uitdraaier genoemd. Redacteuren bepalen de inhoud. Terwijl ik zoals bij de radio een volledig programma wil maken. Voor drama mis ik nog ervaring.
Teleac is de eerste die belt en vraagt of ik een serie Open School wil regisseren, om en om met regisseur Leen Timp, de man van Mies Bouman. Het opnemen van groepsgesprekken in de studio en het filmen op locatie met Maartje van Weegen beschouw ik als een goede training om met een studioploeg te werken.
Voor het eerste programma met drie camera’s plan ik een ronde tafel discussie. Het geldt als een van de moeilijkste opstellingen voor een discussie. Kijkrichtingen van de sprekers en luisteraars zijn nogal lastig te controleren.
Met hulp van vooral de opnameleider is uiteindelijk slechts 1 keer een camera kort in beeld. Dodelijk vermoeiend krijg ik de smaak van regisseren te pakken.
Ik ontdek dat bij Schooltelevisie met mijn achtergrond in het onderwijs een aantrekkelijke mogelijkheid ligt om zowel vorm als inhoud te bepalen.
Brutaal bel ik een chef van de NOS afdeling. Het gesprek met hem is eenzijdig. Als oud leraar vertelt en vertelt hij aan een stuk door als was het een college. Nu en dan reageer ik en stel een korte vraag die aangeeft dat ik nog steeds naar hem luister. Na deze eindeloze geschiedenisles stelt hij mij een vraag: wanneer wil je beginnen?
De Nederlandse Onderwijstelevisie (NOT) levert een redacteur voor de inhoud. Voor mij niet nodig maar iemand als klankbord kan ik best gebruiken. Schrijvers op school wordt de eerste serie. Met een klein onderdeel drama.
Over Diewertje Blok, de presentator verbaas ik mij. Zij kan razendsnel teksten onthouden en direct uitspreken als bedenkt ze het ter plaatse. Een acteur zie ik dat niet zo snel doen. Bij de viewing is het commentaar van de chef: artistieke programma’s zonder artistiek te zijn.
De serie is het startschot voor veel spannend regiewerk. De ene na de andere opdracht volgt en nee zeggen is kan ik niet. Vooral educatieve en culturele programma’s. Ik profiteer aardig van mijn bekende gezicht.
Als freelancer zit mijn agenda propvol. Voor een verhouding in welke vorm ook heb ik geen tijd.
Wanneer de Radio Volksuniversiteit (RVU) voor televisie programma’s gaat maken lever ik voorstellen in voor series die ik vervolgens allemaal kan realiseren. Opnieuw zonder echt last te hebben van redacteuren of pedagogische adviezen.
Logisch dat geld binnenstroomt. Van verschillende kanten wordt mij aangeraden dat het tijd wordt een huis te kopen. Het geld te investeren. In Amsterdam bezichtig ik een pandje aan een gracht. Op zolder stinkt het penetrant naar kattenpis. Ik denk daar valt iets aan te doen.
Het monument is in een jaar tijd een ton gezakt. De vraagprijs nog steeds hoog voor mij maar met hulp van banken lukt het. Ook nu speelt daarbij mijn bekendheid een belangrijke rol. Als freelancer zonder vast inkomen krijg ik zowel een hypotheek als een aanvullende lening!
Tijd om de woning in te richten heb ik niet. Nauwelijks tijd om vriendschappen te onderhouden door mijn werkhonger. De vriend van Saskia is directeur van de badminton bond. Hij vraagt of ik documentaires wil maken voor de bond. Ik schakel oud collega en cameraman Jan Kloek in. Een editor van het NOB wil ook wel een centje bijverdienen.
In deze zeer productieve tijd ontmoet ik een jongen die mijn hart steelt: Bart van Putten. Ik leer hem kennen in een cafe. Vraag of hij aan een serie sportprogramma’s wil meewerken. Stapelgek ben ik op hem. Hij stottert licht en heeft connecties met jongens uit de drugswereld begrijp ik.
In de winter plan ik soms een week naar een Canarisch eiland om uit te rusten. Bart vraag ik mee. Doodmoe wacht ik met hem op de tram richting station, door naar Schiphol.
Ineens realiseer ik mij de koffiemachine niet uitgezet te hebben. Maar ik heb geen energie om me ergens druk over maken. Alleen Bart telt.
In de week die volgt openbaar ik mijn liefde voor hem. Hij is voortdurend stoned. Wiet heeft hij meegesmokkeld. Ik slaak een diepe zucht. We hebben geluk gehad bij de douane.
Bij thuiskomst valt het mee: in de keuken brandt het lampje van de machine. Een sterke koffielucht vult de ruimte.
Mijn buurman is een sigarenboer. Op de begane grond hangt assistente Nel Bijman kleding op voor de televisieserie Puik TV. Wanneer ik sigaretten koop vraagt de man heel slim is uw zuster een kledingzaak begonnen?
Zo krijgt hij in een keer veel informatie over zijn nieuwe buurman. Over werk, relaties, familie en toekomst. En natuurlijk meteen iets over mijn karakter.

Op een dag gaat een wens in vervulling: een opdracht van de Ikon om een dramaserie te regisseren. Weliswaar heb ik het druk maar hiervoor moet alles wijken. Zelfs voor Bart heb ik geen tijd meer.

Ontdek meer van joopbrussee.com
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.