In mei

verhaal

De man loopt met een kleine jongen aan de hand langs het oorlogsmonument op de Dam waar bosjes verlepte bloemen liggen en op ezels kale kransen staan. Hij denkt aan het vrije leven in zijn jeugd. In mei vorig jaar, 75 jaar na de oorlog hield dat plotseling op te bestaan.
‘Pappa kijk!’

Tijdens de herdenking werd belangrijkste bevrijder Rusland zomaar overgeslagen bij de landen die voor onze bevrijding hebben gezorgd! Het begrip vrijheid was ineens vervangen door discriminatie en racisme. Zouden jongeren in de gaten hebben dat aan de werkelijke historie gesleuteld wordt?
‘Pappa, kijk nou!’
De jongen wijst naar een mimespeler die op het plein zijn kunsten aan belangstellenden vertoont. Hij trekt zijn vader mee, dwingt hem te blijven staan om naar het optreden te kijken.
De speler is klassiek gekleed, precies zoals de man zich herinnert uit zijn jeugd. Wit geschminkt met witte handschoenen. De jongen vraagt wat die vreemde bewegingen betekenen.
‘Kijk maar goed. Deze mimespeler praat met gebaren in plaats van met woorden.’
‘Waarom doet hij dat? Wij zijn toch niet doof?’
‘Nee joh, dit is een oude vorm van kunst: pantomime. Vroeger populair in het theater.’
‘Waarom doet hij dat nu op straat?’
‘Ja, waarom?’

Het hoofd van de bewegingskunstenaar hangt naar beneden en hij houdt de polsen tegen elkaar, alsof de handen zijn geboeid. Langzaam komt zijn hoofd omhoog en laat aan een handvol toeschouwers een trieste blik zien.
De vader buigt zich voorover en zegt op zachte toon:
‘Binnen het theater moet iedereen betalen. Hier lopen mensen voorbij, ze kunnen kijken en geld geven als ze dat willen.’
‘Hij vraagt daar niet om?’
‘Nee joh, je bent helemaal vrij om iets te geven.’

‘Kijk, hij houdt wat vast’, zegt de jongen.
‘Ja. Dat lijken wel tralies, alsof hij in een gevangenis zit! Net echt. Knap doet hij dat!’
‘Hij is bang pappa.’
‘Ja, zie je, nu vertelt hij dat van alle kanten gevaar dreigt.’
‘Waarvoor?’
‘Kijk!’
Het trieste gezicht verandert van angst naar woede. Dan verslapt langzaam zijn hele lichaam en transformeert naar verdriet.
‘Wat nu pappa?’
Het lichaam van de jongen schokt van opwinding.
‘Hij lijkt het koud te krijgen. Wacht even, dit is voor hem. Geef het maar.’
De jongen loopt snel met een handje munten naar de hoed, werpt alles erin en huppelt terug.
‘Ik kreeg een knipoog!’
‘Wat aardig. Dat is vast zijn manier om dank je wel te zeggen.’

Op enige afstand komen twee agenten aanlopen. De man ziet het en zoekt de hand van de jongen om verder te lopen. Maar de weerstand van de jongen houdt hem op de plaats.
‘Pappa, hij wiegt een baby! Hee, waar is de andere hand gebleven?’
‘Kom joh, we gaan verder.’
‘Pappa kijk! Hij heeft … iets …. is dat een spuit?!’
Beide volgen nu de actie. Nieuwe voorbijgangers aarzelen, blijven staan.
‘Hij wil niet! Hij wil de baby geen spuit geven! Oei, die spuit valt!’
‘Ja, dat zie ik. Kom ….’
‘Nee, ik wil verder kijken!’
De mimespeler stampt met beide voeten op de grond.
‘Dat is duidelijk, hij wil niet dat die baby een prik krijgt’, constateert de man droog.

Plotseling verschijnt de hand opnieuw, maar nu hoger. Tergend langzaam beweegt hand met spuit in de richting van de baby. Met een doodsbange uitdrukking op het gezicht draait de mimespeler het kleine kind zo ver mogelijk hiervan weg.
De jongen trappelt.
‘Nee, nee! Niet doen!!’
Ineens schrikt hij bij het zien van de naderende agenten. Hij grijpt de hoed met geld en is razendsnel verdwenen achter het monument. Een van de agenten haalt zijn walkietalkie tevoorschijn.

‘Wat nu pappa? Gaan ze hem oppakken?’
‘Dat ….zou best kunnen ja.’
‘Waarom?’
Stevig houdt de man de hand van de jongen vast die tijdens het weglopen voortdurend achterom blijft kijken. Maar van de mimespeler is niets meer te zien.

Het tweetal steekt het plein over en passeert levende standbeelden, mensen uitgedost in uitzonderlijke kostuums. Bij een vreemd wezen in een strak zilverkleurig ruimtepak zegt de man:
‘Kijk, dat lijkt wel een robot.’
‘Pappa, waarom mag deze robot blijven staan en die aardige man niet?’, vraagt de jongen.
Hij kijkt op naar zijn vader die trots is op de vraag van zijn zoon.
‘Waarom ja? Misschien heeft hij geen identiteit kaart bij zich. Of misschien zijn al deze standbeelden wel gevaccineerd.’

mei 2021


Ontdek meer van joopbrussee.com

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.